• Home
  • /Interview
  • /Interview met Jasper Cillessen: ‘Een goede keeper is rustig in zijn hoofd’
Interview met Jasper Cillessen: ‘Een goede keeper is rustig in zijn hoofd’

Interview met Jasper Cillessen: ‘Een goede keeper is rustig in zijn hoofd’

Het keepersvak staat centraal op onderdelat.nl. Van jeugd tot aan de veteranen. En van de amateurs tot aan de profs. Omdat wij zeer waarschijnlijk het meest kunnen leren van die laatste categorie willen we komend jaar met zo veel mogelijk profkeepers het keepersvak bespreken. Jasper Cillessen, keeper van Ajax, verricht hierbij de aftrap.

PERSONALIA

Naam: Jasper Cillessen
Club: Ajax
Vorige clubs: De Treffers (tot 2001), NEC (2001 – 2011)
Lengte: 1.87 meter
Gewicht: 82 kilo
Schoenmaat: links 41 1/3, rechts 40 2/3
Handschoenenmaat: maat 9

Jasper Cillissen (bron: www.ajax.nl)

VROEGER

Sinds wanneer keep je?
‘De eerste drie jaar dat ik als klein ventje bij De Treffers speelde, heb ik gevoetbald. Ik scoorde de ene na de andere goal. Toen ik in E zat, zochten ze bij de D’tjes een keeper. Dat wilde ik graag, maar mijn moeder – die de leider van mijn elftal was – dacht dat ik als keeper mijn energie niet kwijt zou kunnen. Trainer Tom Wollenberg heeft het toen aangedurfd me toch onder de lat te zetten. Hij vond dat ik er wel aanleg voor had.’

Waarom ben je gaan keepen?
‘Omdat er niets mooiers was dan ballen pakken en ballen tegenhouden. Ik ben in ieder geval niet gaan keepen omdat ik niet kon voetballen. Het beste voorbeeld: toen ik als klein ventje al stage liep bij NEC deed ik eens als laatste man mee aan een toernooitje en werd ik direct gescout.’

Hoe ben jij uiteindelijk prof geworden?
‘In mijn eerste jaar bij NEC kwam ik in de C2 terecht. Na alle jeugdelftallen doorlopen te hebben, kreeg ik een contract voor twee jaar met een optie voor nog twee jaar. In mijn eerste contractjaar brak ik direct mijn middenvoetsbeentje; na de winterstop begon mijn seizoen pas. Voordat ik weer echt in vorm was, was het seizoen alweer bijna voorbij. Het tweede seizoen begon ik als vierde keeper, achter Babos, Baart en Skverver. Ik moest presteren want anders zou de optie niet verlengd worden.’

En toen?
‘Ik werd al snel eerste keeper van Jong NEC en mocht af en toe met de selectie mee. De optie werd gelicht, ik werd tweede keeper van de selectie en na drie wedstrijden raakte Babos geblesseerd aan zijn rug. Ik kwam erin en heb de rest van het seizoen alles gespeeld. Na mijn debuut tegen Heerenveen belde Gabor me. Hij feliciteerde me en was blij voor me. Ik had me geen betere mentor kunnen wensen.’


Het debuut van Jasper Cillessen: NEC – Heerenveen 2-2

Waarom ben jij prof geworden en andere keepers niet?
‘Omdat ik kan omgaan met tegenslagen. Ik had in de hele periode bij NEC Nicolas Skverver voor me; altijd moest ik tegen hem opboksen. Hij had meer talent dan ik; ik moest er harder voor werken. Ik zat altijd in de underdogpositie en heb daardoor leren knokken. Erwin Mulder was altijd een halve kop groter maar die heeft daardoor nooit moeite moeten doen om hoge ballen te pakken. Ik heb er nu profijt van dat ik dat wel moest.’

HOOGTEPUNTEN

Wat is jouw beste wedstrijd ooit?
‘Dat was NEC – Utrecht. We speelden met 1-1 gelijk. Een paar minuten voor tijd maakte Van Wolfswinkel nog wel de gelijkmaker, maar voor de rest pakte ik alles. Een ander hoogtepunt was Heerenveen uit, de eerste wedstrijd na de winterstop. Babos was weer fit en ik had wat mindere wedstrijden gespeeld. De trainer (Wiljan Vloet, JvM) wilde met me praten en ik voelde de bui al hangen. Maar hij zei dat hij nog steeds veel vertrouwen in me had en dat ik mocht blijven staan. Gabor (Babos, JvM) zei me dat hij het er helemaal mee eens was. Als Vloet mij eruit had gehaald, had Gabor dat niet toegestaan. Dat gaf me zoveel vertrouwen dat ik de wedstrijd tegen Heerenveen heerlijk speelde.’

Wat is jóuw mooiste redding ooit?
‘Voor mij is de belangrijkste redding de mooiste redding. Ik herinner me De Graafschap thuis. We stonden 1-0 voor. In de 92e minuut kwam er een voorzet; de bal werd tegendraads ingekopt en die tik ik eruit. Een minuut later floot de scheidsrechter voor het laatst. Ja, die redding blijft me bij.’

De mooiste redding van Jasper Cillissen

Wat is dé mooiste redding ooit?
‘Dan moet ik helaas gelijk denken aan het teentje van Casillas op het WK van 2010. Die bal van Robben. Maakt hij ‘m, dan zijn we wereldkampioen. Maar Casillas pakt ‘m. Hij ging wel vrij snel naar de grond, maar dan nog: die redding was zó belangrijk.’

Het teentje van Casillas

HET KEEPERSVAK

Wat vind jij eigenlijk zo leuk aan keepen?
‘Dat is een goede vraag. Ik ben geen showkeeper; ik hoef niet zo nodig een bal uit de kruising te zweven. Ik geniet het meest van kleine dingen: als ik een pasje naar rechts zet waardoor de middenvelder de steekbal niet meer durft te geven. Of als ik een verdediger zo coach dat de tegenstander de bal alleen nog maar in één hoek kan schieten en ik de bal gemakkelijk kan pakken.’

Wat is jouw sterke punt?
‘Ik ben redelijk allround. Heb niets wat ik supergoed kan, maar ook niets wat ik helemaal niet kan. In mijn tijd bij NEC heb ik 11 jaar keeperstraining van Wilfried Brookhuis gehad. Hij legde altijd de nadruk op techniek: alles moest technisch kloppen. Ik kan wel direct zien wie hij keeperstraining heeft gegeven.’

Wat is jouw zwakkere punt?
‘De lastigste ballen vind ik vrij ingeschoten ballen vanaf een meter of 16. Je kunt dan weinig afschermen, staat in het midden en de goal lijkt enorm groot. Siem de Jong kan een paar miliseconden voordat hij schiet zijn voet nog zo inklappen waardoor de bal toch snoeihard in de andere hoek belandt dan hij eigenlijk van plan was. Je probeert zijn actie te ontleden en dat is moeilijk. Je moet langer blijven staan en op je reactie vertrouwen. Mij is aangegeven dat Kenneth daar beter in is. Hij blijft langer staan en heeft meer explosiviteit. Maar wij zijn andere keepers.’

Wordt er bij de keeperstraining ook rekening mee gehouden dat jullie andersoortige keepers zijn?
‘Tijdens trainingen passen en trappen we enorm veel; soms trappen we wel meer ballen dan we pakken. Ik heb dat niet nodig, maar Kenneth wel. Dan merk je toch dat hij eerste keeper is; hij staat centraal. Ander voorbeeld: bij afwerkvormen krijgt de eerste keeper andere feedback dan de tweede keeper. De eerste keeper moet zelfvertrouwen hebben en krijgt daardoor veel complimenten, de tweede keeper krijgt meer te horen wat hij moet verbeteren. Het is een andere benadering. Het is dan zaak jezelf scherp te houden en vertrouwen te houden.’

Je hebt afgelopen week te horen gekregen dat je komend seizoen opnieuw tweede keeper bent. Wat vind je daarvan?
‘Ik baal natuurlijk als een stekker. Een half jaar op de bank zitten is nog te overkomen, een jaar is enorm vervelend en twee jaar is veel te lang. Ik moet me blijven ontwikkelen. Maar waar ik het afgelopen jaar nog wel begreep dat ik op de bank belandde – ik heb de eerste maanden enorm moeten wennen aan het hogere tempo – snap ik het nu niet. Ik zou een echte kans krijgen maar vind niet dat dat gebeurd is.’

BESTE KEEPERS

Wat is de belangrijkste eigenschap van een goede keeper?
‘Een goede keeper is rustig in zijn hoofd. Op de drukste momenten, moet hij juist het rustigst blijven. Nicolay Mihaylov van FC Twente heeft dat – als hij fit is tenminste. Hij straalt heel veel rust uit. Soms is hij zelfs iets te rustig waardoor het neigt naar arrogantie.’

Wie is de beste keeper ooit?
‘Edwin van der Sar. Hij liet keepen zo gemakkelijk lijken, alsof het hem geen moeite kostte. Hij zette zijn verdedigers zo neer dat hij wist waar aanvallers gingen schieten, en had in elke situatie het juiste antwoord. Hij maakte zich niet druk en straalde rust uit. Dan ben je een hele grote. Ruud Hesp vertelde dat hij de eerste keer dat Michel Vorm bij Oranje kwam samen met hem een half uur achter de goal van Van der Sar is gaan zitten. Gewoon om te kijken en te leren. Ik hoop dat hij snel wat bij Ajax komt doen.’

Als je de beste keeper mag samenstellen uit alle keepers, wat zou die dan van wie hebben?
‘Die heeft de rust en de techniek van Van der Sar, het atletisch vermogen van Casillas en de wedstrijdinstelling van Oliver Kahn.’

Heb je nog een tip voor jonge voetballers die profkeeper willen worden?

Aan welke keeper wil jij het stokje doorgeven en welke vraag zou jij hem willen stellen?
‘Aan Gabor Babos: welke oefenvorm vind jij nu het allerleukst om te doen?’

Bekijk ook het item ‘Op de lat met onderdelat.nl (I): Jasper Cillessen‘ waarbij Jasper 10 ballen vanaf 16 meter op de lat moet zien te gooien. 

10 thoughts on “Interview met Jasper Cillessen: ‘Een goede keeper is rustig in zijn hoofd’

  1. Joris van Meel

    Helaas, Ernst… Jasper heeft dmv zijn laatste vraag bepaald dat we bij Gabor Babos op bezoek ‘moeten’. 😉

  2. Jasper Cillessen is een supertalent. Naar mijn mening dient Frank de Boer hem een eerlijke kans te geven het doel van AJAX te verdedigen. Jasper beschikt over een zeer goede springkracht en is balvast. Vooral bij corners is Jasper de tegenpartij de baas. Jasper heeft lengte. Om een hele grote te worden zou hij dienen te worden begeleid door Edwin van der Sar. Frank de Boer, lees AJAX, zou er goed aan doen Bram Nuytinck van NEC Nijmegen in te lijven. Voor niet al teveel geld een schitterende speler.
    Mijns inziens zou Davy Klaassen een rol op het middenveld moet krijgen.
    AJAX, lees directie en staf veel succes voor de toekomst.

  3. Allereerst is het wel erg gaaf om Jasper te strikken voor dat interview en een leuk item….latje werpen.

    Moest enorm lachen toen onze onvolprezen reporter JvM bleef hangen met zijn voet in het net toen hij de bal eruit wilde wippen….

    Over het interview met Jasper…..een beetje onmacht proefde ik toen hij zei dat hij niet echt een eerlijke kans had gehad dit seizoen…..ben daar een beetje dubbel over….enerzijds proef ik daar ambitie uit, anderzijds proef ik ook wat naiviteit…Vermeer is kampioen geworden en is steeds beter gaan spelen….

    Verder heeft Jasper een wel heel jong lief hoofd….ik houd wel van keepers die een over mijn lijk uitstraling hebben of keepers die een beginnend scarface hebben….

    Verder was ik wel benieuwd of Amsterdam of Ajax bij hem past….hij woonde nog bij zijn ouders in Groesbeek toen Ajax hem overnam….geniet hij van A’dam en kan deze stad hem vormen toet een mondaine keeper of is hij toch meer een Boschker typ die het liefst speelt in een veilige Oostelijke omgeving……de stelling is dat een club die bij je past, jou als keeper en als mens kan laten groeien……ik heb mijn twijfels of Jasper zich senang voelt in de Arena….wellicht kunnen de reporters Dion en Joris daar nog iets over zeggen…

    Ug, Bert.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*